Handtastelijkheden
Vorig jaar is internationaal niet alleen de publicatie van On the Origin of Species herdacht. Ook hebben met name blinde en slechtziende mensen over de hele wereld de tweehonderdste verjaardag van Louis Braille (1809-1852) gevierd, de briljante uitvinder van het brailleschrift. Naast tal van andere activiteiten, zoals een congres over het huidige braillegebruik en een promotiecampagne om basisschoolkinderen kennis te laten maken met het puntige alfabet, heeft de NLBB (Nederlandse Vereniging van personen met een leeshandicap) ook een gedichten- en verhalenwedstrijd georganiseerd. Het thema daarvan luidde: "Zonder schrift zou dat niet kunnen." Omdat het me gelijk aansprak heb ik zelf ook deelgenomen.Op zaterdag 9 januari, bij de feestelijke afsluiting van het Louis Braillejaar, had ik dan het genoegen om uit handen van juryvoorzitter dr. Jan Terlouw de eerste prijs te mogen ontvangen. Samen met de andere bekroonde gedichten en verhalen is mijn inzending 'Handtastelijkheden' (p. 84-87) opgenomen in de bundel Braille van A tot Z. De NLBB in het Louis Braillejaar 2009 (onder redactie van Anne Schipper en René Vink), uitgegeven door Biblion Uitgeverij. Dit boek zou een dezer dagen in de boekhandel moeten liggen en bij de openbare bibliotheken te krijgen zijn. Alle verhalen en gedichten zijn, evenals het volledige juryrapport, sinds gisteren ook op de website van de NLBB te lezen.
Labels: publicaties elders
Hierbij dan de volledige tekst van het opiniestuk dat op 25 december in NRC Handelsblad is verschenen. De bovenstaande, oorspronkelijke titel heeft de NRC-redacteur daarbij vervangen door het meer prozaïsche maar wellicht ook informatievere "Dankzij de brailleleesregel op de computer kon ik naar een gewone school, studeren – en straks promoveren". Hoe het ook zij, de integrale tekst van het stuk vind je
In de openingsregels van Poetry and the Fate of the Senses (2002) vat de auteur Susan Stewart het programma voor deze lijvige studie, waaraan ze meer dan tien jaar heeft gewrocht, verrassend eenvoudig samen:
De Spaanse filosoof José Ortega y Gasset heeft in de eerste decennia van de twintigste eeuw herhaaldelijk betoogd dat onze actuele kennis niet langer bij machte is de 'chaos' als één coherent betekenisvol geheel of 'wereld' inzichtelijk te maken. Daarvoor zijn de natuur- en geesteswetenschappen al te zeer gespecialiseerd in disciplines en subdisciplines, en missen ze bovendien zowel een gedeeld uitgangspunt als een gezamenlijk oogmerk. Wat ons nog rest zijn talloze perspectieven die op zich ieder hun bijbehorende 'wereld' organiseren.
Als er iemand ons idee van de moderne stad heeft bepaald, dan is het baron Haussmann wel die medio negentiende eeuw Parijs drastisch renoveerde. De sterk verouderde infrastructuur met zijn nauwe ongeplaveide steegjes, rondslingerend vuil en uitdijende sloppenwijken was ook dringend toe aan een schoonmaakbeurt om de toevloed aan gelukszoekers van het platteland en goederen nog enigszins te kunnen bolwerken.
Als er één personage uit de wereldliteratuur de American dream belichaamt, dan moet dat zonder twijfel 'the great Gatsby' zijn uit F. Scott Fitzgeralds gelijknamige roman (1925). Door tal van toevalligheden maar ook door rotklusjes voor de juiste mensen op te knappen, heeft deze arme sloeber uit een achterlijk gehucht op de oevers van Lake Superior zich weten op te werken tot een vermogende zakenman die in zijn majestueuze villa, in West Egg, wekelijks partijen geeft voor de New Yorkse high society. Op dat moment heeft James Gatz reeds lang zijn naam veranderd in het veel joyeuzere Jay Gatsby, zich een nieuwe biografie aangemeten en zijn ouders doodverklaard:
Samen met
Erwin Mortier heeft gisteren de AKO Literatuurprijs in ontvangst mogen nemen voor zijn grootse oorlogsroman
Zondag 15 november a.s. is Ruth Lasters een van de centrale gasten in 